Wanneer heb je voor het laatst je teststrategie geëvalueerd?
Voor veel teams is het antwoord: nooit. De teststrategie die 2 jaar geleden werd opgesteld, draait nog steeds. Maar werkt het ook nog? Dat is eigenlijk de vraag.
Want je context verandert toch gewoon constant. Je product evolueert, je team groeit, je tech stack moderniseert. Maar ondertussen blijft je teststrategie hetzelfde.
En dat is nou precies het probleem.
Want kijk, een strategie die 2 jaar geleden werkte, werkt nu waarschijnlijk niet meer. Logisch ook. In dit artikel krijg je daarom 7 kritische vragen om je teststrategie te checken. Geen vage theorie, maar gewoon concrete checkpoints. Plus een scorecard om te zien waar je nu eigenlijk staat.
Waarom je je teststrategie regelmatig moet checken
Een teststrategie is geen “set and forget” document. Dat klinkt misschien logisch, maar toch zie je het keer op keer anders in de praktijk.
Het is namelijk een levend plan dat mee moet bewegen met je context. Wat vandaag werkt, is over een half jaar misschien al verouderd. En dat zien we dus ook vaak gebeuren bij teams die vastlopen.
Waarom evaluatie van je teststrategie belangrijk is:
Context verandert eigenlijk constant. Nieuwe technologie komt erbij, je team groeit, producten draaien een andere richting op. En als je teststrategie niet meebeweegt, loop je al snel achter de feiten aan.
Wat werkte toen werkt nu niet.
Een 2 jaar oude aanpak is ondertussen best verouderd. De vraag is alleen: heb je dat al gemerkt? Of gaat het nog steeds zoals altijd?
Tests stapelen zich op zonder dat je ze afstoft of opruimt. Je testsuite wordt langzaam maar zeker een verzameling van alles wat ooit belangrijk was. En dan begint het dus: efficiency daalt, frustratie stijgt.
En dan die automatiseringsratio. Die ook vaak niet meer met je huidige manier van releasen. Want ja, je werkt nu anders dan 2 jaar geleden.
Red flags dat je goed in de gaten moet houden en zinvol is om te evalueren:
- Teststrategie ouder dan 1 jaar, nooit herzien
- Team klaagt over traagheid (en dat doen ze niet zomaar)
- Veel tests, maar weinig bugs gevonden (dan klopt er iets niet)
- Regressiesuite duurt te lang (iedereen zucht als het moet draaien)
Herkenbaar? Ja, dat dachten we al.
Ons advies: review minimaal elke 6 maanden. Bij grote productwijzigingen of teamveranderingen zelfs vaker. Gewoon in de agenda zetten en doen. Meenemen in de planning is het beste, niet wachten tot het iemand opvalt of erom vraagt (dan is het meestal al te laat)
Vraag 1: dekken je tests nog steeds de business risks?
De vraag: Wat zijn de top 3 business risks en test je die?
Je denkt misschien: natuurlijk testen we de belangrijke dingen. Dat doen we toch altijd?
Maar weet je het eigenlijk wel zeker?
Want business prioriteiten veranderen sneller dan je denkt. Wat 2 jaar geleden kritiek was, is dat nu misschien helemaal niet meer. En toch blijf je het wel intensief testen. Terwijl nieuwe, kritieke features te weinig aandacht krijgen. Dus eigenlijk test je niet meer waar het nu om draait.
Je testinspanning moet gewoon meebewegen met wat nu belangrijk is. Anders ben je alleen maar bezig met het verleden.
Check voor jezelf:
- Ik kan de top 3 business risks benoemen (niet: “ik denk dat…”)
- We hebben tests die deze risks dekken
- Testinspanning is evenredig aan het risiconiveau
- We heroverwegen risks regelmatig (niet één keer per jaar)
Red flags:
- Je weet eigenlijk niet precies wat de huidige business risks zijn
- Tests dekken oude features die al lang niet meer kritiek zijn (maar wel lekker vertrouwd)
- Features met hoog risico hebben weinig testdekking (want “komt later wel”)
Wat nu te doen:
Breng business risks in kaart en koppel ze aan je testdekking. Gebruik daarvoor een risicomatrix: kans × impact = testprioriteit. Simpel maar echt effectief.
Verdeel je testinspanning vervolgens opnieuw. Focus op gebieden met hoog risico. Niet op wat makkelijk is of wat je altijd al deed. Voor meer over het belang van security testing en performance testen, zie onze andere artikelen.
Vraag 2: klopt je automatiseringsratio nog?
De vraag: Welk percentage van je tests is geautomatiseerd, en past dat percentage nog bij hoe je werkt?
En hier gaat het dus vaak mis. Echt waar.
Je automatiseringsratio bepaalt namelijk je feedbacksnelheid. Een verkeerd percentage betekent efficiencyproblemen. En nee, 80% is echt niet altijd het goede antwoord. Het hangt gewoon helemaal af van je context.
Check voor jezelf:
- Ik weet wat ons automatiseringsratio is (en niet: “denk rond de…”)
- Dit ratio past bij onze releasefrequentie
- We kunnen binnen 30 minuten feedback geven op een commit
- Handmatige tests zijn een bewuste keuze (niet: “hadden nog geen tijd”)
Automatiseringsratio richtlijnen:
Als je dagelijks released (high frequency), heb je eigenlijk 70-90% automatisering nodig. Anders loop je gewoon vast.
Bij wekelijkse releases (medium frequency) is 50-70% geautomatiseerd prima. Dat geeft je genoeg snelheid.
Maandelijkse releases (low frequency)? Dan is 30-50% vaak al voldoende. Meer is dan eigenlijk overkill.
Red flags:
- Je weet je automatiseringsratio niet (eerste teken dat het niet klopt)
- Automatisering onder de 30% maar je released dagelijks (oef, dat wordt pijn doen)
- Automatisering boven de 90% maar je released maandelijks (dan investeer je dus eigenlijk te veel)
Wat nu te doen:
Bereken het gewoon: geautomatiseerde tests gedeeld door totaal aantal tests. Vergelijk dit dan met je releasefrequentie. Past het? Of zit je er helemaal naast?
Identificeer vervolgens automatiseringskandidaten: repetitieve en waardevolle tests. Die moet je eerst aanpakken, niet de leuke. Lees ons artikel over de kracht van test automation voor meer over het opzetten van een goede strategie. Ook interessant: efficiëntie in software testen.
Vraag 3: hoe snel krijg je feedback uit je tests?
De vraag: Hoe lang duurt het van commit tot testfeedback?
Snelle feedback betekent snelle fixes. Logisch toch?
Trage feedback betekent contextswitching, dure bugfixes, en gefrustreerde developers. Want ja, als je een uur moet wachten op feedback, ben je natuurlijk allang met iets anders bezig. En dan moet je weer helemaal switchen.
Check voor jezelf:
- Smoke tests binnen 15 minuten na commit
- Core regression binnen 2 uur
- Full regression binnen 8 uur
- Developers krijgen feedback terwijl de context nog vers is (en niet de volgende dag)
Feedbacktijd targets:
Smoke tests en unit tests: onder de 15 minuten (direct dus). Developers moeten gewoon meteen weten of ze iets kapot hebben gemaakt.
Integration tests: onder 1 uur (zelfde sessie). Nog steeds snel genoeg om direct bij te sturen.
End-to-end regression: onder 4 uur (zelfde dag). Nog steeds bruikbaar, nog steeds relevant.
Full suite: onder 8 uur (overnight is acceptabel). Volgende ochtend heb je dan je resultaat.
Red flags:
- Developers wachten langer dan 1 uur op feedback (dan haken ze al af)
- Full regression duurt langer dan 8 uur (en dan wordt het echt een probleem)
- Tests draaien niet in CI/CD (wat doe je dan eigenlijk?)
- Flaky tests vertragen feedback (en frustreren iedereen)
Wat nu te doen:
Meet gewoon je huidige feedbacktijden. Weet je het niet? Dan is dat eigenlijk al een red flag.
Voer tests parallel uit waar dat kan. Splits lange tests slim op: eerst smoke, dan regression, dan full. Prioriteer dus slim.
En fix alsjeblieft die flaky tests. Die kosten je echt meer tijd dan je denkt. Voor integratie met CI/CD, zie ons artikel over CI/CD testen en hoe je software testen integreert in een continuous delivery pipeline.
Vraag 4: test je de juiste dingen of alles?
De vraag: Is je testdekking strategisch of “test everything”?
100% testdekking klinkt goed.
Maar het is niet altijd waardevol. Eerlijk gezegd: meestal niet. Strategisch testen werkt beter dan blinde dekking.
De Pareto regel geldt ook hier: 20% van de tests vindt 80% van de bugs. De vraag is: weet jij welke 20% dat zijn?
Check voor jezelf:
- We testen op basis van risico
- We weten welke tests de meeste waarde leveren
- We verwijderen tests die geen waarde meer hebben
- Testdekking is niet ons enige doel
Red flags:
- 100% testdekking is het doel (metric gaming)
- Alle features krijgen evenveel testinspanning
- Testsuite groeit maar krimpt nooit
- Veel tests, maar weinig bugs gevonden
Dat laatste is veelzeggend. Als je veel test maar weinig vindt, test je waarschijnlijk de verkeerde dingen.
Wat nu te doen:
Identificeer waardevolle tests door de bugdetectiegraad te meten. Welke tests vinden daadwerkelijk bugs?
Verwijder tests met weinig waarde:
- Niet gefaald in langer dan 6 maanden
- Testen verouderde features
- Dupliceren andere tests
- Onderhoudskosten zijn hoger dan de waarde
Risk-based testverdeling werkt: kritieke features krijgen intensief testen, features met laag risico krijgen minimale testdekking. Focus je energie waar het er toe doet.
Meer over dit onderwerp vind je in ons artikel over alles wat je moet weten over regressietesten.
Vraag 5: wie is eigenaar van kwaliteit in je team?
De vraag: Is quality een teamverantwoordelijkheid of alleen een testertaak?
Quality is een teamsport.
Als alleen de tester zich verantwoordelijk voelt, heb je een probleem. Want dan wordt de tester een bottleneck. En dat is niet de bedoeling.
Voor test managers: jouw rol is hier cruciaal. Faciliteer eigenaarschap door het hele team, niet alleen bij testers. Dat vraagt soms een cultuurverandering.
Check voor jezelf:
- Developers schrijven tests
- Product owner is betrokken bij teststrategie
- Team bespreekt quality in retrospectives
- Quality staat in de definition of done
Red flags:
- “Not my job to test” (developers)
- Testers zijn een bottleneck
- Quality komt niet ter sprake in teamdiscussies
- Geen testdekking eis in de definition of done
Wat nu te doen:
Voeg quality toe aan de team definition of done met concrete criteria. Niet vaag, maar meetbaar.
Developers schrijven tests voor hun eigen code (shift-left). Testers coachen en reviewen, maar doen niet al het testen.
Bespreek quality in retros:
- Welke quality issues hadden we deze sprint?
- Zijn tests up-to-date met de code?
- Waar kunnen we testdekking verbeteren?
Maak het bespreekbaar. Regelmatig. Lees ook ons artikel over hoe je als software tester werkt in een scrum team en de rol van een agile coach voor meer over samenwerking in agile teams.
Vraag 6: hoe vaak update je je teststrategie?
De vraag: Wanneer was de laatste keer dat je teststrategie werd aangepast?
Context verandert constant.
Je strategie moet mee-evolueren. Anders loop je achter de feiten aan. Een verouderde strategie betekent inefficiency. En frustratie.
Check voor jezelf:
- Teststrategie is de laatste 6 maanden gereviewd
- We passen de strategie aan bij grote productwijzigingen
- Het team geeft input bij strategie-updates
- De strategie is gedocumenteerd (en niet alleen in het hoofd van de test manager)
Updatefrequentie:
Minimaal: elke 6 maanden. Echt, zet het in je agenda.
Aanbevolen: per kwartaal. Stem af met de product roadmap.
Op basis van triggers: na grote productwijzigingen of teamveranderingen moet je sowieso evalueren.
Red flags:
- Teststrategie ouder dan 1 jaar en onveranderd
- Strategie bestaat alleen in het hoofd van de test manager
- Team weet niet wat de strategie is (vraag het maar eens)
Wat nu te doen:
Plan een kwartaalreview van de teststrategie. Blokkeer 2 uur in je agenda. Ja, echt blokkeren.
Documenteer je huidige strategie op 1-2 pagina’s. Niet een boekwerk, gewoon helder op papier.
Betrek het team bij updates via een workshop. Niet alleen jouw visie, maar ook hun input.
Koppel de strategie aan de product roadmap voor goede afstemming. Zo blijf je relevant.
Vraag 7: wat is de ROI van je testinspanning?
De vraag: Kun je aantonen wat testing oplevert?
Testing kost tijd en geld.
Voor buy-in van het management is ROI meting essentieel. Je moet kunnen laten zien wat het oplevert: voorkomen bugs, snellere releases, minder productie-incidenten. Dat zijn concrete business metrics.
Check voor jezelf:
- We meten testmetrics
- We kunnen de bugdetectiegraad berekenen
- We weten de kosten van testen versus de kosten van bugs in productie
- Management ziet de waarde van testinvestering
ROI indicatoren (positief):
- Tests vinden bugs vóór productie (dat scheelt geld)
- Daling van productie-incidenten (nog meer besparing)
- Snellere releasecyclus door automatisering
- Developer vertrouwen: vrijdag kunnen deployen zonder zorgen
ROI indicatoren (negatief):
- Tests vinden geen bugs (dan test je de verkeerde dingen)
- Testonderhoud kost meer dan de waarde van voorkomen bugs
- Trage tests blokkeren releases (dan rem je juist)
- Flaky tests zijn tijdverspilling
Wat nu te doen:
Start met het meten van test-ROI. Gebruik deze formule:
ROI = (Kosten voorkomen bugs – Kosten testen) / Kosten testen × 100%
Waarbij:
– Kosten voorkomen bugs = bugs gevonden in test × gemiddelde kosten per productie bug
– Kosten testen = testtijd × uurtarief + tool kosten
Houd bij: bugs gevonden in test versus productie. Dat verschil is je waarde.
Bereken testkosten versus productie bug kosten. Gebruik als uitgangspunt gewoon het industry gemiddelde: €5.000-€15.000 per productie bug. Of neem het op als je voor je eigen team weet welke bedragen jullie hiervoor hanteren.
Communiceer de waarde naar management in kwartaalreviews. Want deze cijfers zeggen meestal meer dan andere argumenten. Overtuigen via bedragen.
Voor meer over het belang van software testen en waarom software testen steeds belangrijker wordt, bekijk onze andere artikelen.
Scorecard: waar sta je?
Tel je checkmarks dan bij elkaar op. Per vraag kun je 4 punten scoren, dus een maximaal totaal van 28 punten. Hoeveel scoor jij;
| Score | Beoordeling | Betekenis | Wat nu? |
| 24-28 | Uitstekend | Je teststrategie is gezond en strategisch afgestemd. Regelmatige reviews en team eigenaarschap. Top. | Blijf doen wat je doet. Handhaaf je kwartaalreview cyclus. |
| 16-23 | Verbetering nodig | Sommige gebieden zijn sterk, andere zwak. Tijd voor actie. | Focus op je laagst scorende vragen. Start een kwartaalreview cyclus. Prioriteer je top 3 verbeterpunten. |
| 8-15 | Urgent | Fundamentele hiaten. Waarschijnlijk niet goed afgestemd op business. Hoog risico op inefficiency. | Volledige teststrategie review nodig. Boek een strategische sessie. Dit kan niet wachten. |
| 0-7 | Alarm | Nauwelijks een strategie. Ad-hoc testing. Geen afstemming. Geen eigenaarschap. | Stop. Herbouw vanaf nul. Overweeg externe hulp. Dit kost je nu al veel geld. |
Conclusie
Je teststrategie checken is dus geen luxe.
Het is onderhoud dat je elke 6 maanden moet doen. (Het adagium is niet voor niets: “Onderhoud is behoud” ) Deze 7 vragen geven je concrete checkpoints. En als je deze allemaal eerlijk voor jezelf op een rij zet, eerlijke antwoorden geeft krijg je inzicht in waar je nu echt staat.
Want een teststrategie die 2 jaar geleden werkte, werkt nu waarschijnlijk niet meer. Dat is eigenlijk heel logisch, want context verandert. En dan is het ook heel belangrijk om dat met je strategie ook te doen.
Volgende stappen:
Start vandaag:
- Beantwoord de 7 vragen met je team (eerlijk zijn helpt)
- Bereken je score en interpreteer de resultaten
- Prioriteer de 3 laagst scorende punten
- Plan een strategie review meeting (blokkeer 2 uur, doel is gesprek, geen discussie)
- Documenteer je bevindingen en actieplan
En dan gewoon aan de slag.
Hulp nodig bij het verbeteren van je teststrategie? Neem contact op met Your Test Professionals voor een strategische review sessie. We helpen je met een objectieve beoordeling en concreet actieplan.
Gerelateerde artikelen: